Welke scheidingsfrequentie?

“80 Hz” staat in elk forum. Dat getal komt uit de homecinema, waar een norm het vastlegt — voor een PA zegt het niets. Jouw scheiding volgt uit drie dingen, en geen ervan is een vuistregel.

Wat het echt bepaalt

  • Hoe hoog de sub schoon blijft. Een 18-incher in een bassreflexkast wordt boven ongeveer 100 Hz traag en richtingsgevoelig; een 12-incher kan flink hoger. Het staat in het datasheet, of je hoort het: vanaf welke frequentie klinkt het niet meer als bas maar als een toon uit een kist?
  • Hoe laag de top mag zonder te lijden. Dat is de hardere grens. Een 10-inch top op 70 Hz laten werken betekent conusuitslag in plaats van niveau: de vervorming stijgt, het middengebied slibt dicht, en op vol vermogen gaat de driver. Bij twijfel hoger scheiden, niet lager.
  • Waar de zaal ophoudt te helpen. Onder de Schröder-frequentie werken losse zaalmodes, erboven een diffuus veld. Valt je scheiding precies in die omslag, dan gedraagt de overname zich van plek tot plek anders. Geen reden om de frequentie te wijzigen — wel om op meer dan één positie te meten.

De keerzijde: hoger scheiden eist strakkere timing

In het overnamegebied spelen sub en top gelijktijdig. Of ze optellen of elkaar uitdoven hangt af van samen aankomen — en hoe klein een verschuiving mag zijn, hangt af van de frequentie: een halve golflengte is 2,86 m bij 60 Hz, 1,72 m bij 100 Hz en maar 1,14 m bij 150 Hz.

Hoe hoger je scheidt, hoe minder verschuiving de overname vergeeft. Scheid bij 150 Hz en zet de kasten op het oog, en de kans is groot op een dip precies waar bas en stem elkaar ontmoeten. Hoger scheiden ontlast dus de top — en maakt tijduitlijning een plicht in plaats van finetuning.

Hoe je je keuze controleert

Meet de sub alleen, de tops alleen en beide samen. In het overnamegebied moet de som MÉÉR niveau hebben dan elk pad afzonderlijk — beide spelen daar, dus tellen ze op. Verliest de som daar niveau, dan klopt de tijd of de polariteit niet, niet de frequentie.

En dan dezelfde test een meter verderop. Blijft de overname stabiel, dan past de keuze bij deze zaal. Klapt hij om, dan ligt de scheiding te hoog voor de afstand tussen je kasten — of je hebt meer dan één meetpositie nodig.

Wat AURIX hier doet — en wat niet

AURIX noemt de scheidingsfrequentie NIET voor je. Het is een invoer, geen uitkomst — de software kent je kasten niet, en een gegokt getal zou slechter zijn dan geen.

Wat het doet: sub en tops apart meten, uitlijnen in de tijd op JOUW scheiding, de polariteit controleren en de Schröder-frequentie van de zaal noemen. Daarmee is je keuze controleerbaar — en dat is de hulp die hier mogelijk is.

AURIX 7 dagen proberen

Zonder creditcard. Aparte meting van sub en tops werkt ook in de proefperiode.